woensdag 20 mei 2015
Wit.
De velden van de camping waar we staan zijn wit van de Madeliefjes.Vlak boven het maaiveld lijkt het nog witter
dinsdag 19 mei 2015
5 m. boven NAP
We zijn de verfgeuren , renovatieplinten, witte na drie uur overschilderbare kit, etc. etc. even ontvlucht en zitten op 5 m. boven NAP, i.p.v. 5 m. eronder. Uiteraard in een bosrijke omgeving zodat ik straks weer destemeer de Utrechtse Venen waardeer. Tussen de buien door net even de luifel gezet en toen kregen we toch een bui! Nog nauwelijks naar vogels en groen gekeken, maar dat komt nog.
Dus beste bezoekers, even geduld s.v.p.
Dus beste bezoekers, even geduld s.v.p.
zaterdag 16 mei 2015
Goed geboerd
Vanmiddag de laatste ronde in mijn weidevogelweiland gedaan, de neststokken die er nog stonden meegenomen. Die nesten waren ook uit. Twee paar Grutto's en een paartje Tureluurs vergezelden me met alarmerend geroep en gevlieg. Dichtbij. Ze waarschuwen de jongen, die zich in het lange gras drukken en onvindbaar zijn. Op de foto het paartje Tureluurs, ergens onder het hek zitten hun jongen. Ze houden me angstvallig in de gaten. Goed geboerd dit jaar: eindelijk eens een goed resultaat op de twee percelen met ruige mest ( 7 nesten). In totaal 13 nesten, waarvan er nog één zit te broeden, de Scholekster op het baggerdijkje en een nest van een Krakeend( ?) dat gister toevallig gevonden werd door Ewout, de controleur van de Agrarische Natuur Vereniging. Maar 1 ei en het is de vraag of de eend terugkomt. De verstoring telt zwaarder dan het broeden. Tien nesten uit, dwz jongen uitgekomen , 1 gepredeerd en nog 1 broedend. Gister de rest van de vlotjes uitgelegd, er liggen nu tien. Vanmiddag nog geen Zwarte Sterns op de vlotjes. Zo gaat het weidevogelseizoen naadloos over in het Zwarte Sternseizoen.
vrijdag 15 mei 2015
Bladmineerders
Hoewel nog wat vroeg, bij goed zoeken kun je ze vinden: de graafgangen van mineerders, ook wel mijnen genoemd. Vandaar de naam mineerders. Deze gangen worden gegraven door de larven van de mineerders en dat kunnen vliegen, kevers en vlinders zijn. Deze leggen een eitje in het blad tussen de twee buitenste lagen, epidermis geheten , uitgekomen beginnen ze een weg door het parenchym, vulweefsel, te vreten. Eerst een smal gangetje , naarmate het diertje dikker wordt wordt de mijn ook breder. De zwarte korreltjes die je hier en daar ziet zitten zijn de poepjes. Op een gegeven ogenblik verpopt de larve zich en komt het imago, volwassen beest, tevoorschijn. Er zij ook soorten die een gaatje prikken in de epidermis en zich op de grond laten vallen om zich daar te verpoppen. Mineerders hebben vaak maar één waardplant, alleen die soort lusten ze .
donderdag 14 mei 2015
Franjekopje
Ik kom nog even terug op m'n logje van vorige week vrijdag. Dat ging over een vrij onopvallend plantje in onze tuin, maar met een heerlijke geur. Ik kende de naam niet en vroeg botanici onder ons te reageren. Dat deed gelukkig Riet de Bruin, mijn oud collega. Het plantje heet Tellima . Het heeft geen nederlandse naam en het staat bijvoorbeeld ook in de tuin van het NMEcentrum. Erg bedankt Riet! Ik heb wat verder gegoogeld en het bleek dat het oorspronkelijk uit de naaldbossen van Noord-Amerika komt. De Amerikanen noemen dit plantje "fringe cup", dat franjekopje betekent. Ik heb een paar bloempjes nog maar eens vergroot weergegeven. Inderdaad Franjekopje . Ik stel voor om het in het IVN voortaan zo te noemen. Het heet Tellima naar een enzym Tellimagrandin II dat uit de bladeren wordt gewonnen. Het speelt een rol in de stofwisseling van de plant. Het behoort tot de de familie van de Saxifragaceae, "steenbrekers". Zoals zoveel planten werd deze familie medisch gebruikt en werd toegediend aan nierpatienten met nierstenen. Die zouden afgebroken worden.
woensdag 13 mei 2015
Zwanenmossel
Overal waar gebaggerd wordt in onze veenweiden vind je ze, grote schelpen, soms nog de twee schelpen aan elkaar. Vaker maar één schelp.De populatie Zwanenmossels blijft min of meer stabiel, elk jaar zie ik in de bagger Zwanenmossels. Ze zijn trouwens zeer gevoelig voor verontreiniging en hun aanwezigheid duidt op schoon water. Ze bewegen zich voort met een soort tong, die uit de twee kleppen naar buiten komt en statig als een zwaan glijdt dit grootste schelpdier ( ze kunnen wel 20 cm. lang worden en 12 jaar oud) van ons land door het water. Een mooi gezicht, maar je moet wel helder water hebben. Zo heb ik ze in het water wel eens in een ondiepe sloot op Bosdijk gezien. Ik weet niet of ze eetbaar zijn voor de mens , maar Visotters zijn er gek op.
dinsdag 12 mei 2015
Laat maar vallen!
Dit jaar hebben we geen vogelnesten in de tuin en ook onder de dakpannen ontbreken ze. Geen Koolmezen in de kast, misschien te laat opgehangen, geen Merel in de struiken, alhoewel er wel steeds een paartje rondstruinde, geen Huismussen onder de pannen, terwijl er elke dag een groepje van plm. 10 eten kwam zoeken. De buren hebben meer geluk, letterlijk. In een hoek bij een dakraam schreeuwen jonge Spreeuwen zich de longen uit het lijf als pa of ma weer binnenkomt met een vette engerling of iets dergelijks. De aanvoer verloopt goed, ook de afvoer van de ontlasting is goed geregeld. Zie foto. Maar de poepjes zijn nogal week zodat ze vaak snel uit de snavel vallen en op het raam terecht komen. Brengt dus geluk. Ik stond met statief en telelens te fotograferen en het bleek al gauw dat ik in de wegvliegroute stond. Ik had ook geluk, een klodder poep kwam niet op mijn hoofd terecht maar op mijn vanmorgen gekochte nieuwe schoenen. Een trefzekere Spreeuw.
Abonneren op:
Posts (Atom)



