dinsdag 11 juni 2019
Vogelkersstippelmot.
Mijn poppen zijn uit! ( zie ook logje vorige week donderdag.) Gisterochtend zaten er 12 micro-vlindertjes in de afgesloten bloemvaas, die door het stukje laken waarmee de vaas was afgesloten, het folie veroorzaakte beslagen glas, moesten blijven zitten, zodat ik ze kon zien en tellen en uiteraard fotograferen. Of ze het zagen weet ik niet, maar toen ik het doek had weggehaald kropen ze naar buiten. Vanaf de rand ( zie foto) vlogen ze, het was meer fladderen, de wijde wereld in en doken de eerste struik in die ze tegenkwamen, een Liguster. Via Obsidentify, de determinatie-computer van waarneming.nl, kreeg ik de naam door van de Vogelkersstippelmot. De vorige keer was het de Wilgenstippelmot, maar aangezien dit nest in de Vogelkers, Vuilboom, zat neem ik aan dat het de Vogelkersstippelmot was. Een micro-vlinder die niet in het Nachtvlinderboek staat, dat zijn de macro's.
Ik herinnerde me uit mijn beginnende loopbaan het project "Koolwitjes in de klas" van de Vlinderstichting, is nu nog te bestellen, waarbij je poppen van Koolwitjes kreeg en die dan na verloop van tijd uitkwamen. Was voor veel leerlingen een openbaring.
vrijdag 7 juni 2019
Eindelijk in bloei, onze Verbascum
Als je het logje van 3 oktober 2918 opzoekt dan zie je een schamele toorts. Al jaren doet deze plant op deze plek, tussen tegel en muur, een poging om voor nageslacht te zorgen, maar tot nu toe is dat niet gelukt. Tekort aan voedingsstoffen misschien? Ik denk dat dit het 5e groei-jaar wordt, normaal is het een tweejarige winterharde plant. Ik ben blij voor de Verbascum dat het gaat lukken , de bloei. En hopelijk zaadvorming.
Hij kan tot twee meter hoog worden, de ene tuindeur is dit jaar zeker geblokkeerd. De Latijnse wetenschappelijke naam Verbascum is een verbastering van "barbascum", een barba is een baard in het Latijn, dit wijst op de dichte wollige, harige bladeren.
Op naar de bloei!
Goed weekeinde.
Hij kan tot twee meter hoog worden, de ene tuindeur is dit jaar zeker geblokkeerd. De Latijnse wetenschappelijke naam Verbascum is een verbastering van "barbascum", een barba is een baard in het Latijn, dit wijst op de dichte wollige, harige bladeren.
Op naar de bloei!
Goed weekeinde.
donderdag 6 juni 2019
Wilgenspinselmot
Onze Vuilboom is elk jaar zeer in trek bij Bladluizen, hij zit dan vol met de zuigende beestjes. Dat is te zien: verlepte bladeren. Dit jaar valt het aantal erg mee, wat er aan de hand is met de luizen weet ik niet, maar onder een enkel blad zitten wat lijkjes. Ook de Jasmijn heeft geen luis, hij bloeit zowaar. Gebeurt eigenlijk nooit. De enige struik die aangetast is, is de kultivar Kamperfoelie. Dit is nog nooit gebeurd. Alle bloemen aangetast, bladeren hebben moeite om te groeien. Ik heb 'm dan ook rigoreus gesnoeid, want de planten eronder hadden last van de honingdauw.
Wat wel in de Vuilboom was te zien, zij het gelukkig in beperkte mate, waren de nesten van een spinselmot. De boom zal het wel overleven, je ziet soms bomen die helemaal zijn ingekapseld met de nestspinsels.
Ik heb enkele bladeren rond zo'n nest opengeklapt ( zie foto) en we zien een spinsel met daarin de witte poppen van de mot. Er hangt ook nog een dode rups bij die geen geluk heeft gehad. De zwarte korreltjes zijn de poepjes van de rupsen. Ik heb de tak afgebroken en in een afgesloten vaas in een bekertje water gezet.( zie foto onderaan) Ik probeer de vlinders eruit te krijgen. De determinatiecomputer van waarneming.nl geeft , niet geheel zeker, aan dat het om de Wilgenspinselmot gaat. Ik ben benieuwd.
woensdag 5 juni 2019
Koekoeksspog
Dit schuimnest dient als bescherming tegen predatoren, straling en uitdroging. Als het schuim wegspoelt door een regenbui maakt de larve een nieuwe klodder schuim.
De larven verblijven 1 tot 3 maanden in het schuimnest en verpoppen zich dan tot het imago. Een volwassen schuimcicade heeft niks met schuim, het is een bruin klein insect dat enorm kan springen.
dinsdag 4 juni 2019
Laatste Scholekster en laatste Kievit gevonden.
Gelukt!
Een paar ochtenden ben ik bezig geweest met de Scholekster en de Kievit, die alarmerend rondvlogen op perceel 2, het drooggevallen plasdras. In het midden is de plantengroei behalve de Zuringen, nog niet zo hoog en vormt een prachtig foerageergebied voor juveniele vogels.
Zaterdagochtend het hele gebied afgezocht, alleen maar alarmerende vogels. Geen jongen en /of geen nesten. Ik moest het weten i.v.m. het komende maaien.
Vanochtend nieuwe poging. Rustig het weiland in gelopen. Geen geluiden maken, geconcentreerd kijken waar eventueel een vogel omhoog komt. Geen Scholeksters!? Hoe kan dat? Plotseling, vlak voor me, een Kievit omhoog. Van het nest. Verborgen tussen de Zuringen, van een meter hoog, een broed eieren. Mijn veronderstelling van broeden klopte, voor jongen te weinig alarm.
Plotseling ook de Scholeksters, die kwamen uit de oever, van waaruit ze mij nu pas in de gaten hadden. Veel misbaar, allebei. Toch jongen? Ik ging door. Ik heb vaker een Scholeksternest meegemaakt dat verborgen tussen de hoge planten zat. Even verder, een lege dop! Van een Scholekster. Bloedvaten op de binnenkant, dat betekent dat er een jong is uitgekomen. Een poepje onderin. Een paar meter verder weer een dop, dan moet het nest toch hier in de buurt liggen en zitten er twee jongen verborgen tussen de planten. Ook een poepje, bij Grutto's nooit gezien, ik zal er eens op letten. Vaak loopt er een paadje naar het nest door de planten. Ik zocht er naar en vond het. Het ging een groot bos Zuringen in en daar lag een ei in een verfomfaaid, uitgewoond nest. Ei was nog warm en er zet een gaatje in de zijkant. Het derde jong was op komst. Toch nog een Scholeksternest. (zie foto). We hebben een goed jaar gedraaid. 15 nesten, die bijna allemaal in de buurt van het plasdras lagen!13 broedsels uitgekomen. 2 Tureluurnesten onbekend, maar gezien het alarmeren zeker één nest uit.
Veel vogels brengen de doppen, nadat er een jong is uitgekomen, uit de buurt van het nest. Ze pakken de doppen met de snavel.
Gijs past de planning van het maaien aan.
maandag 3 juni 2019
Gehalsringde Canadezen.
Hoewel bij Sneuper niet gebruikelijk omstreeks deze tijd, toch nog even een logje over ganzen.
Ik zat dus verscholen op een dam, aan het zicht onttrokken door grote Waterzuringen. Ik was bezig met de rondvliegende Scholeksters, met dit gedrag kan er niet gemaaid worden. Of ze zijn nog aan het broeden of ze hebben jongen. Morgen nieuwe poging.
Maar plotseling kreeg ik ganzen op m'n "radar", die staat altijd aan. Volgens mijn vrouw hoor ik alleen maar vogels. Ik beschouw het als een compliment. Afgaande op het geluid moesten het Grote Canadezen zijn. En jawel, daar kwamen ze aan. Roepend met het kenmerkende geluid. Zes vogels, strak in formatie. Uit de losse hand met de telelens erop, vandaar de onscherpte, twee foto's. Thuis bleken de laatste twee vogels halsringen te dragen. Ik denk dat de ringen een donkerblauwe kleur hadden, de codes erop waren niet te lezen. Op CR-birding opgezocht waar ze ooit geringd zijn: United Kingdom.
zondag 2 juni 2019
Indringer
Je moet toch wat als je jouw jongen in de gaten wil houden en op je normale uitkijkplaats een vreemd wezen zit tussen de Waterzuringen. Dat vreemde wezen was ik dus. Ik zat op de grond met de rug tegen een hek tussen de hoge Waterzuringen. Ik hield de Scholekster(s) in de gaten die maar om me heen vlogen, soms stil, soms luid roepend. Hebben ze een nest of hebben ze jongen? Ik weet het nog steeds niet. In ieder geval zitten ze daar in de buurt. Er kwam een Tureluur luid roepend in mijn richting en streek neer op een dampaal, een paar meter bij me vandaan. Je zag 'm verbaasd kijken, wat zit daar nou? Een indringer in zijn territorium? Heel voorzichtig probeerde ik de camera in stelling te brengen, maar elke beweging was er één teveel. Weg Tureluur. Een paar minuten later zag ik 'm op een oude boomstobbe in het water landen ( zie foto). De weilanden hier staan vol met planten, een Tureluur heeft daarvoor te korte pootjes. Snel foto's, één onscherp de ander wat beter.
Abonneren op:
Posts (Atom)
