donderdag 20 september 2018

Eikels en eikels.



Neen, geen kamerleden of aanverwant volk, maar gewone eikels van Eiken. Er zijn drie soorten in Nederland die je min of meer regelmatig tegenkomt: de meest voorkomende is de Zomereik, zeldzamer is de Wintereik en weer wat algemener, want aangeplant is de Amerikaanse Eik. Verder zijn er nog zo'n 15 soorten eiken in ons land, wereldwijd zijn er wel 450 soorten.
Op de foto heb ik boven in de Wintereik liggen ( grote eikels, ondiepe napjes, bladeren eenzijdig symmetrisch ) linksonder de Zomereik( kleinere eikels, kleine napjes en bladeren nergens symmetrisch), rechts de Amerikaanse Eik ( de bladlobben zijn spits, niet symmetrisch, de kleine napjes zijn naar binnen gekruld). Al het materiaal is geraapt binnen  20 meter rond de caravan.
Eikenhout was vroeger door z'n sterkte zeer gewild in de bouw, meubelmakerij en de scheepsbouw. Tegenwoordig hebben tropische houtsoorten het meeste eikenhout verdrongen.


woensdag 19 september 2018

Herfststijlloos


Deze lelie-achtige bloeit in de herfst, zonder bladeren. Die komen pas in het voorjaar, evenals de vruchten.Vandaar de naam Herfststijlloos. Komt weinig voor in Nederland, de soort staat dan ook op de Rode Lijst. Deze pol stond in het Arboretum. In het buitenland staan de weilanden er soms vol van (Duitsland).
Door colchicine is de plant zeer giftig voor dieren, en ook mensen. Het gif heeft in de volksgeneeskunst een rol gespeeld: geelzucht werd ermee bestreden, het was ontstekingsremmer bij jicht. Maar pas op, als kinderen bijvoorbeeld door het eten van de zaden  teveel colchicine binnen krijgen het slecht kan aflopen.
Ik las ergens dat bij een stal in Brabant een paar paarden waren overleden na het eten van hooi uit de Eifel. Het zat vol met gedroogde bladeren. Een andere lelie is dodelijk voor katten. Bij één van onze kinderen is dat gebeurd. Dus pas op met lelies in boeketten.

dinsdag 18 september 2018

Rare boomstam


Wat is hier gebeurd? Plantenanatomie was een favoriet vak, en is dat nog steeds. Zodra ik iets bijzonders zie in de opbouw van een plant ( een boom is ook een plant) probeer ik dat te verklaren.
Hier is een op een zijtak, verderop bijtak genoemd,  lijkend stuk stam begonnen bij de stam en verder gegroeid naar boven toe en is weer opgenomen in de hoofdstam. Achter de zijtak zit een heel gat, waar je je hele arm doorheen kunt steken.

Ik denk dat het volgende gebeurd is: je ziet wel vaker bij bomen dat na een zijtakverwijdering, door snoeien bijvoorbeeld,  het cambium doorgaat met groeien en en krul vormt rond de wond. Soms is het hout  op die plek van de  stam van slechte kwaliteit zodat dat gaat rotten. Dat is denk ik hier gebeurd.Op twee plekken, links en rechts,  zijn zijtakken verdwenen Het hout van de stam op deze wonden is weggerot, het cambium ( deelweefsel) is door gegaan met cellen vormen zodat de cirkel rond de bijtak zich weer sloot  en verder naar boven was er geen verwonding van de verwijdering meer en was de situatie weer normaal. Het weggerotte hout veroorzaakte het gat achter de zgn. bijtak. Geen aparte zijtak dus maar een doorgerot stuk stam.

maandag 17 september 2018

Arboretum Gimborn



De naam Gimborn kende ik alleen van de inktflessen waarmee de meester de inktpotten , met schuifdekseltje, vulde. Je schreef toen nog, op de lagere school, met een kroontjespen, die je in de inktpot doopte. Als je klaar was droogde je de pen aan de inktlap, die door je moeder van oude lapjes stof was gemaakt. Later op de volgende school kreeg je een vulpen, die ook gevuld moest worden , als t'íe leeg was. Alle keren verdiende mijnheer Von Gimborn eraan. Hij was van Duitse komaf en had in Zevenaar een inktfabriek. Hij had als hobby het verzamelen van coniferen die in de vette klei bij Zevenaar werden gezet. Toen bleek dat ze daar niet zo goed groeiden heeft hij ze verhuisd naar de zandgrond van de Utrechtse Heuvelrug. Daar, in de Tuin van Gimborn, sloegen ze wel aan en er werden aldus steeds meer soorten aangeplant. De Tuin werd Arboretum Gimborn genoemd. Sinds kort is de tuin  het Nationaal Bomenmuseum, een onderdeel van de Universiteit van Utrecht.
Wij zijn er naar toegefietst op Monumentendag. Veel bomen, heel veel bomen. Enkele bekende, veel meer onbekende, meestal benoemd met een wetenschappelijke, latijnse, naam. Veel bomen uit Japan.
Een mij bekende boom, maar die ik nog nooit in levende lijve had gezien was de Sequoia, de Mammoetboom. Wat een joekel!


Tussen de bomen stond kunst o.a. een paard van takken, leuk. Om een idee te krijgen van de grootte heb ik de hand van mijn vrouw aan het paard laten zitten. Ook mooi.



zaterdag 15 september 2018

Zonnebrand bij Beuken.


Deze omgeving stikt van de kasteeltjes ( nou ja tjes?) en landhuizen. Met wat landgoed er om heen hebben ze ook al gauw een zichtlaan: vanuit het gebouw, meestal de voorkant, kun je kilometers ver  door een laan kijken, zodat het bezit aan landerijen ook groot leek. Omgekeerd gaf het kasteel of landhuis aan het eind van een zichtlaan een indrukwekkende aanblik. Een soort statussymbool dus.
De Stichtse Lustwaranda kent en kende vele kastelen en landhuizen met even zo vele zichtlijnen. Als het gebouw er niet meer is kan men nog vaak een zichtlijn/laan ontdekken. Vaak werden Beuken voor de beplanting gebruikt. Hoog oprijzende statige bomen met mooie kronen. Een nadeel van een Beuk was en is dat bij snoeien de kale stam gevoelig is voor te fel zonlicht. Neemt men geen maatregelen dan krijgt de Beuk zonnebrand .
De schorslaag van een Beuk is vrij dun, in tegenstelling tot bijvoorbeeld een Eik en de naaldboomsoorten. Als men takken heeft verwijderd komt de volle zon op de schors. De temperatuur kan in de onderliggende bast- en cambiumlaag tot wel 50 ° C hoog worden. Dit heeft afsterven tot gevolg. De afgestorven weefsels worden op de duur zichtbaar door een bepaalde verkleuring en niet meer functioneren. Bastvaten vervoeren suikers van de bladeren naar de wortels, cambium is een deelweefsel en zorgt voor de diktegroei.
Een remedie tegen zonnebrand op de stam is smeren met een coating, beschermen met riet of karton, of zoals hier op de foto van de nog bestaande zichtlaan op de camping,  beschermen met jute.

vrijdag 14 september 2018

Bruinrode Heidelibel (kopfoto)

Gezeten onder de luifel kwam er een steeds een libel op een scheerlijn zitten. Een voor mij onbekende soort. Vlug m'n camera gepakt en met de macro-lens gefotografeerd. Dat lukte aardig alhoewel de libel regelmatig een andere plaats op de scheerlijn koos. Er waren er zelfs twee.
Een duidelijke foto wat bewerkt en gecropt. Zie kopfoto. Helaas had ik het libellenboek niet bij me. Dus Naturalis op Waarneming.nl laten determineren. Er kwam direct reactie met een zeer zeldzame heidelibel, dat kon niet kloppen, nog een keer: er kwam nu een Bloedrode Heidelibel uit. Een algemene soort.
Op Waarneming.nl ingevoerd met foto, die ook direct werd ingevoerd. Elke waarneming wordt door een waarnemingbeheerder gecontroleerd.
Echter, er kwam een half uurtje later een reactie van deze beheerder, Martin Borsboom. Het was geen Bloedrode maar een Bruinrode. De afgebeelde libel had geel op de pootjes ( vind ik moeilijk te zien) en had geen snor. Dus geen Bloedrode. Hij schreef ook dat de libellendeterminatie met de computer door Naturalis nog niet betrouwbaar was. Waarvan akte. Had ik m'n boek maar bij me.

donderdag 13 september 2018

2018 Mastjaar ?


We zijn weer eens neergestreken op een camping in het Nationaal Park De Utrechtse Heuvelrug. We komen hier al jaren, alleen nu voor het eerst op een nieuwe camping. De pacht van onze oude stek, vlak bij het Henschotermeer,  werd niet verlengd en het terreintje ligt er nu kaal en verlaten bij. We zijn er langs gefietst. Grote droefenis.
Na een week radiostilte ga ik weer logjes schrijven en daarbij fotograferen. In bossen zijn er altijd zaken die je in de polder niet opvallen. Zoals de grote hoeveelheden eikels die al op de grond liggen, groene maar ook bruine gerijpte eikels. Verder zijn er veel beukenootjes. Men noemt een jaar met een grote vruchtopbrengst ( eikels, beukenootjes, kastanjes) een mastjaar. Mast is een oud woord voor varkensvoer, vooral voor de Wilde Zwijnen. Dat heeft tot gevolg dat een jaar na een mastjaar meer jongen geboren worden. Er schijnt een bepaald ritme in het optreden van een mastjaar te zitten. 1x in de 4 jaar ?